Verslag: Burger aan zet; zelfzorg of doe-het-samen?
“Burgerinitiatieven ontlasten de zorg en verhogen de kwaliteit van leven.” Over die conclusie waren de deelnemers aan In debat bij VGZ op 26 november in Arnhem het unaniem eens. Maar tijdens het debat werd minstens zo duidelijk hoe groot de kloof soms nog is tussen leefwereld en systeemwereld. Waar burgerinitiatieven vaak spontaan ontstaan en gedreven worden door lokale energie en betrokkenheid, willen beleidsmakers ze graag vangen in nota’s, kaders en KPI’s. Ook bestaat de neiging om succesvolle concepten, zoals voorzorgcirkels en reablement, als blauwdruk van bovenaf op inwoners te projecteren.
“Bij onze kennismaking liet de wethouder gelijk weten dat hij geen geld had”, vertelde hij. “Maar wij hebben geen geld nodig, we hebben elkaar nodig.”
Zijn uitspraak raakte een gevoelige snaar in de zaal: het systeem denkt in middelen, terwijl de leefwereld draait om relaties.
Fundis zocht naar een concrete manier om die kloof te overbruggen. Medewerkers mogen daarom tien uur per maand in werktijd deelnemen aan kleinschalige maatschappelijke initiatieven. Zo komen zij letterlijk en figuurlijk dichter bij de leefwereld van inwoners en worden zij er deel van. Blom zei hierover: “Ik ben zelf een kookgroep begonnen voor oudere en eenzame buurtbewoners.”
“We hebben geen geld nodig, maar elkaar”
Hoe groot het verschil in perspectief soms is, werd helder in de bijdrage van Almere-inwoner Rob van der Brugge, lid van een voorzorgcirkel.“Bij onze kennismaking liet de wethouder gelijk weten dat hij geen geld had”, vertelde hij. “Maar wij hebben geen geld nodig, we hebben elkaar nodig.”
Zijn uitspraak raakte een gevoelige snaar in de zaal: het systeem denkt in middelen, terwijl de leefwereld draait om relaties.
Spanning bij professionals
Niet alleen bestuurders, ook zorgprofessionals kijken soms met een zekere terughoudendheid naar een grotere rol voor inwoners. “Zorgprofessionals zijn bang dat hun werk minder interessant en belangrijk wordt als burgers meer verantwoordelijkheid krijgen”, zei Guido Blom, directeur bij Fundis.Fundis zocht naar een concrete manier om die kloof te overbruggen. Medewerkers mogen daarom tien uur per maand in werktijd deelnemen aan kleinschalige maatschappelijke initiatieven. Zo komen zij letterlijk en figuurlijk dichter bij de leefwereld van inwoners en worden zij er deel van. Blom zei hierover: “Ik ben zelf een kookgroep begonnen voor oudere en eenzame buurtbewoners.”
Ruimte geven aan energie uit de samenleving
Om de inventiviteit en energie die in de samenleving aanwezig zijn echt tot bloei te laten komen, is één ding essentieel: luisteren. Dat benadrukte Marjo Vissers, CEO van Coöperatie VGZ. Maar die open houding vraagt niet om terughoudendheid, waarschuwde zij. “We hebben bestuurders nodig die risico’s durven nemen, ook als niet meteen duidelijk is wat een initiatief precies gaat opleveren.”Tweehonderd inwoners aan tafel
Een voorbeeld waar die houding al succesvol blijkt, is het project Mooi Maasvallei. Het initiatief zet sterk in op zeggenschap van inwoners over hun eigen zorg en ondersteuning. “Het is spannend om burgers zoveel ruimte te geven”, erkende wethouder Joost Hendriks van de gemeente Land van Cuijk. “Maar het is geweldig om te zien dat uiteindelijk tweehonderd inwoners meedoen aan een Burgerberaad.”
Meepraten?
Met ‘In debat bij VGZ’ geven we een podium aan iedereen die zich betrokken voelt bij gezondheid en zorg in Nederland. We zijn ook benieuwd naar ieders mening. Dus wil je meepraten of gewoon eens meeluisteren? Wees welkom en meld je aan!
Vragen of opmerkingen? Neem dan contact op via indebatbijVGZ@vgz.nl
