Nieuws | Persbericht
Marjo Vissers (VGZ): ‘Ik vind zbc’s een lastig fenomeen’
Transparantie
Na een korte uitweiding over de zorgtransformatie en over dat we minder specialistische zorg zouden moeten geven dan nu (de ‘dikbuik’), begint Vissers met wat ze wél goed vindt aan de zbc’s: ZKN (Zelfstandige Klinieken Nederland, de branchevereniging van de zbc’s) heeft het Integraal Zorgakkoord (IZA) ondertekend; de zbc’s hebben een keurmerk passende zorg gemaakt en zijn transparant over hun uitkomsten op het gebied van passende zorg. Die transparantie vindt Vissers stoer. “De Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen zou dit idee over kunnen nemen.”
Eenvoudige zorg
Ook maakt Vissers een helder onderscheid tussen de taken van ziekenhuizen en die van zbc’s. De zbc’s doen eenvoudige zorg. “Je moet er niet aan denken dat zij ook complexe zorg gaan geven en 24/7 openblijven. Hoe zouden we dat moeten rondkrijgen?” Hieruit volgt dat zbc’s vergoed moeten worden voor de eenvoudige zorg, en dus niet op dezelfde manier als de ziekenhuizen. “Dat kunnen verzekeraars overigens zelf regelen, daar hebben we trouwens niemand bij nodig. Niemand hoeft iets te doen aan die bekostiging. Soms vragen mensen daar wel om. Wij kunnen zelf bepalen hoe we die contracten inrichten.” Waarmee ze verwijst naar het onderzoek dat de NZa deed naar tariefdifferentiatie.
Groei
“Wat wel belangrijk is, is dat we ongecontracteerde zorg kunnen aanpakken. De zbc’s zijn wel flink gegroeid,” ziet Vissers. “Ze zijn in zeven jaar tijd verdubbeld. Terwijl ze het hoofdlijnenakkoord hebben ondertekend en daar hadden we toch echt 0,8, 0,9 en 0 met elkaar afgesproken.” Vissers verwijst hier naar het hoofdlijnenakkoord medisch-specialistische zorg van 2018, waarin werd afgesproken dat de totale uitgaven van de medisch-specialistische zorg in 2019 met maximaal 0,8 procent hoger mochten zijn dan in 2018. In 2022 moest het toe naar 0 procent groei – wat in de hele medisch-specialistische zorg verre van gehaald is, bleek uit onderzoek van Zorgvisie.

Samengestelde grafiek gebaseerd op twee ZOOM-rapportages van DHD uit 2023 en 2025
“Wat betekenen deze cijfers als je passende zorg zegt te leveren?”, vervolgt Vissers. “Doe je de dingen goed of doe je de goede dingen? Vervang je een knie die misschien nog niet aan vervanging toe is? Hoe zit dat met die verdubbeling? Dat vind ik een interessante vraag.”
Personeel
De klachten dat zbc’s personeel van de ziekenhuizen ‘afpakken’ neemt Vissers deels serieus. Er werken 7700 mensen bij de zbc’s, waarvan een deel verpleegkundigen die minder avond-, nacht-, en weekenddiensten willen draaien. “Het is fijn dat we die zorgverleners op die manier kunnen behouden voor de sector, maar als zbc’s profiteren van professionals die niet langer avond-, nacht- en weekenddiensten willen draaien, hoort daar ook bij dat zij meedenken over de continuïteit van de zorg als geheel.” De 1850 medisch specialisten werkzaam bij zbc’s zijn een ander geval. Meer dan de helft van hem werkt óók in een ziekenhuis en is dus vaak ook nog beschikbaar voor spoedzorg. “Er wordt vaak gemopperd dat als er complicaties optreden na een behandeling bij een zbc, dat de ziekenhuizen dat dan moeten oplossen. Maar dat zijn voor 64 procent dezelfde artsen!” Over de beschikbaarheid van spoedzorg kunnen verzekeraars via contractering prima passende afspraken maken met zbc’s, denkt Vissers. Vissers ziet naast meewerken en meedenken over spoedzorg nog wel een taak voor zbc’s als het gaat om het opleiden van zorgpersoneel. “Als ziekenhuizen alleen nog maar hoogcomplexe zorg leveren, waar moeten studenten dan de eenvoudige ziekenhuiszorg leren?”
Verantwoordelijkheid
Vissers concludeert: “Zbc’s moeten niet alleen kijken naar productie of naar het uitvoeren van zoveel mogelijk planbare ingrepen, zoals knieoperaties. Zbc’s zijn van toegevoegde waarde als ze gaten opvullen in die zorg waar een tekort aan is, niet daar waar als ze neerstrijken in die gebieden waar al voldoende infrastructuur is. Hun bijdrage aan toekomstbestendige zorg zit juist in de voorwaarden waaronder zij zorg leveren: passende zorg bieden, kritisch blijven kijken of een behandeling echt nodig is, bijdragen aan anw-diensten waar dat nodig is en een rol nemen in het opleiden van nieuwe zorgprofessionals. Ze hebben de zorgakkoorden getekend en dus wil ik ze aan tafel zien bij de transformatiegesprekken in de regio – want daar zie ik nu geen één zbc. Alleen dan versterken zbc’s het zorglandschap, in plaats van dat zij de druk op ziekenhuizen vergroten.”
Bron: zorgvisie.nl, 10 juli 2026
